Aprilia history (algemeen)

Alles wat je wil weten over Aprilia

Moderators: MotoMan, Youri

Plaats reactie
Gebruikersavatar
MotoMan
Site Admin
Berichten: 537
Lid geworden op: 14-05-2017 12:00

Aprilia history (algemeen)

Bericht door MotoMan » 09-02-2019 16:43

Afbeelding

https://www.aprilia.com/nl_NL/history/

GEBOREN IN DE RACERIJ

Met 294 GP-zeges in het WK wegrace is Aprilia de recordhouder van alle Europese motorfabrikanten in de geschiedenis van de top van de motorracerij. Hierbij heeft Aprilia een indrukwekkend aantal van 54 wereldtitels op haar naam geschreven: 38 in de GP wegrace (20 in de 125cc-klasse en 18 In de 250cc, 7 in de Superbikes (dubbele overwinningen in het rijders- en constructeurskampioenschap In 2010, 2012 en 2014, het constructeurskampioenschap in 2013) en 9 wereldtitels in offroaddisciplines (7 in Supermotard en 2 in Trail).*

In December 2004 werd Aprilia deel van de Piaggio groep en werd de raceafdeling in Noale gereorganiseerd, waarna het merk weer nieuwe overwinningen in de wegrace-WK\ s behaalde en haar horizon verbreedde: er volgde een terugkeer aar de offroad disciplines en het WK rally en het debuut van de Aprilia RSV4 in het WK Superbikes, in 2009.

In dezelfde periode had Aprilia al 28 wereldtitels en een ontelbare hoeveelheid nationale en Europese titels op haar naam staan. Elk weekend komen Aprilia motoren overal ter wereld op nationale en locale circuits aan de start. Ze geven motorrijders de mogelijkheid hun racepassie te vervullen en bieden race-ervaring aan jonge rijders die voorbestemd zijn om de wereld van de wereldkampioenschappen te betreden.

Jaren zestig en zeventig

Aprilia begint aan het eind van de jaren zestig met de productie van motorfietsen en maakt al in 1970 een 50cc motorcrossmachine, die doorgroeide tot een 125cc machine. Deze motor evolueerde in het midden van de jaren zeventig tot de eerste motorcross wedstrijdmotor.
Na het debuut in de motorcross, in 1975, gaat Aprilia ook deelnemen aan het WK wegrace om in de 250cc-klasse de strijd aan te binden met de tot dan toe onverslaanbare Japanse fabrikanten.

De jaren 80

In 1985 verschijnt de eerste motor met een aluminium brugframe, voorzien van een Marzocchi voorvork en achtervering met een monoschokdemper en een pro-lever linksysteem. Voor de aandrijving zorgt een tweecilinder tweetakt Rotax blok met horizontale cilinders. Bij zijn debuut, op 23 maart 1985 op het circuit van het Zuid-Afrikaanse Kyalami, behaalt Loris Reggiani de twaalfde plaats. De motor presteert in het verloop van het seizoen zo goed dat Reggiani zowel op Rijeka als op Imola de derde plaats behaalt.

In 1987 stijgt de Aprilia 250 snel naar de top. Met een nieuw frame en verbeteringen aan het motorblok behaalt de kwartliter de tweede plaats in Salzburg en Rijeka. De winst ligt binnen handbereik en komt in Misano, op 30 augustus 1987. Reggiani rijdt de AF1 250 naar zijn eerste GP-overwinning.

In 1988 bereidt Aprilia haar activiteiten uit naar de 125cc klasse en behaalt daarin meteen haar eerste podium in de Franse GP.

1990 tot 1995

Een paar seizoenen later leidt de honger naar succes naar en radicaal veranderde Aprilia, die ook een nieuwe naam krijgt: De RS250V ziet het levenslicht voor het seizoen 1991. De nieuwe motor blijkt een uitzonderlijk goede machine. Chili behaalt er op Assen de eerste overwinning mee, vervolgens doet Reggiani dat op Paul Ricard. En op dat moment komt er een nieuw talent tot bloei: Max Biaggi wint het Europese kampioenschap 250cc. In 1991 behaalt Aprilia ook haar eerste overwinning in de 125cc-klasse: Alessandro Gramigni wint in Tsjecho-Slowakije.

In 1992 haalt Aprilia haar eerste wereldtitel in de wegrace binnen: Alex Gramigni wordt wereldkampioen in de 125cc-klasse. En ook in de 250cc-klasse strijdt Aprilia mee aan de top: Chili wint in Hockenheim, Assen en Donington, Reggiani in Jerez en Magny Cours, terwijl rookie Biaggi zijn eerste GP wint in Kyalami. Aprilia wint ook twee wereldtitels in de offroad klasse: Tommy Avhala werd wereldkampioen Trial met de Aprilia Climber en Aprilia werd constructeurskampioen. Nadat de 125cc- en 250cc-motoren in 1993 al bewezen dat ze competitief waren en op een haar na de titel misten, kwam het succes het jaar erop: in 1994 wint Max Biaggi in Australië, Maleisië, Nederland, Tsjechië en Barcelona en wordt wereldkampioen in de 250cc-klasse op een Aprilia.
In datzelfde jaar wordt Kazuto Sakata wereldkampioen op zijn Aprilia 125: Hij wint in Australië, Spanje en Tsjechië. Aprilia behaalt ook acht pole positions en negen snelste rondetijden. Ook maakt Aprilia haar debuut In de 500cc-klasse, waar Reggiani met een extreem wendbare tweecilinder rijdt: een innovatieve keuze die past in de traditie van Aprilia.

In 1995 zijn Biaggi en Aprilia niet te stoppen: met overwinningen in Maleisië, Dutsland, Italië, Nederland, Engeland, Tsjechië, Argentinië en Europa bevestigt Max Biaggi zijn status als wereldkampioen en boekt Aprilia haar eerste contstructeurstitel. Sakata weet helaas zijn prestatie in de 125cc-klasse niet te evenaren en eindigt dat seizoen als tweede. Toch behaalt Aprilia dat jaar wel drie overwinningen: in Engeland en Tsjechië met de wereldkampioen en in Brazilië met Masaki Tokudome. In de 500cc-klasse boekt de tweecilinder veel progressie, zodat Reggiani de tiende plaats in het eindklassement haalt, voor diverse officiële viercilindermotoren.

1996 - 2000

In 1996 behaalt Max Biaggi zijn derde wereldkampioenschap: Maleisie, Japan, Spanje, Frankrijk, Engeland, Tsjechië, Catalonië en Australië zijn zijn stops op zijn triomftocht. De constructeurstitel wordt behaald dankzij Tokudomes overwinningen in Indonesië, Japan, Duitsland en San Mario, Perugini in Maleisië en Engeland, een zeer jonge Valentino Rossi in Tsjechië, Oettl in Italië e Gary McCoy in Australië.

In 1997 wint Aprilia nog twee wereldkampioenschappen: de rijders- en constructeurstitel in de 125cc-klasse. De nieuwe vaandeldrager is Valentino Rossi, die deze licht klasse letterlijk domineert. Hij behaalt 11 overwinningen in 15 races: Maleisië, Spanje, Italië, Oostenrijk, Frankrijk, Nederland, San Marino, Duitsland, Brazilië, Engeland, Catalonië en Indonesië.

Ook het seizoen 1998 is een triomf voor Aprilia, dat in de 250 cc-klasse 13 van de 14 GP\s wint. Alleen de openingsrace in Japan laat Aprilia aan de concurrenten. Loris Capirossi wint het rijderskampioenschap. De overmacht van de Aprilia 250 was zo groot dat het maar liefst vier keer gebeurde dat Aprilia-rijders alle drie de treden van het podium bezetten. Aprilia wint ook de constructeurstitel in de 250 cc-klasse met een ruime voorsprong.
In de 125 cc-klasse ging de rijderstitel naar Kazuto Sakata dankzij een seizoen van absolute dominantie, met name in Engeland, Frankrijk, Spanje en Japan.

In 1999 wint Valentino Rossi de titel op zijn fantastische, 250 cc tweecilinder Aprilia RSW, waarmee hij dat jaar negen overwinningen op zijn naam schrijft. Achter hem doen ook de rijders met de klanten Aprilia\s goede zaken, zoals Battaini, Waldman, McWiliams en Lucchi. Mede dankzij hen scoort Aprilia een dubbele overwinning in het constructeurskampioenschap. Het gedurfde 500 cc-tweecilinderproject kent een moment van grootsheid op Donington: Harada komt enorm dicht bij een overwinning en behaalt ook de vierde plaats in Mugello (waar hij de poll position had) en Catalonië.
1999 is ook het jaar waarin Aprilia debuteert in het WK superbikes. Met de tweecilinder RSV Mille manifesteert de fabrikant uit Venetië zich voor het eerst tussen de grote viertakt racemotoren.

2000 - 2005

Met een officieel fabrieksteam verbaast Aprilia vriend en vijand: Troy Corser behaalt vijf overwinningen en vier Superpoles en mist op een haar na de titel. In de Grand Prix gaat de zegetocht door: Roberto Locatelli wordt wereldkampioen in de 125 cc-klasse en scoort de 15e wereldtitel in de geschiedenis van Aprilia.
In het WK superbikes gaan de zaken in 2001 ook voorspoedig met drie overwinningen (twee voor Corser en een voor Laconi), acht podiums en drie superpoles. In de grand prix is het een afwisselend jaar: in de 250 cc-klasse behaald Aprilia vijf overwinningen, terwijl het slechts twee overwinningen in de 125 cc-klasse bijschrijft (Checchinello in Catalonië en Sanna in Duitsland).
In 2002 is de comeback echter ophanden: Aprilia overweldigd de grand prix-wereld met een "vier op een rij": beide constructeurs- en rijderstitels in zowel de 250 cc-klasse als de 250 cc-klasse: Marco Melandri wint de 250 cc-klasse, Arnaud Vincent de 125cc-klasse. Hij won 8 van de 16 races. In de kwart liter-klasse is de overmacht nog groter, de machines uit normale winnen 14 van de 16 races. In 2002 presenteert Aprilia ook de nieuwe driecilinder RS Cube voor de nieuwe MotoGP klasse.

In 2002 is de comeback echter ophanden: Aprilia overweldigd de grand prix-wereld met een "vier op een rij": beide constructeurs- en rijderstitels in zowel de 250 cc-klasse als de 250 cc-klasse: Marco Melandri wint de 250 cc-klasse, Arnaud Vincent de 125cc-klasse. Hij won 8 van de 16 races. In de kwart liter-klasse is de overmacht nog groter, de machines uit normale winnen 14 van de 16 races. In 2002 presenteert Aprilia ook de nieuwe driecilinder RS Cube voor de nieuwe MotoGP klasse.

In 2003 wint Aprilia drie titels: de constructeurstitel in de 125 cc-klasse (met 10 overwinningen), de rijderstitel in de 250 cc-klasse (Manuel Poggiali wint het kampioenschap in zijn eerste jaar) en het constructeurs in de 250 cc-klasse (dankzij 14 overwinningen). Het MotoGP- seizoen kent meer uitdagingen: de RS Cube maakt een mooi debuut met Colin Edwards en Nori Haga, scoort een snelste rondetijd in de Franse grand prix en laat bemoedigende prestaties zien; dan komt er een moeilijke periode waarin de prestaties naar het einde toe wegzakken.

2004 en 2005 zijn twee overgangsjaren, waarin Aprilia terugkeert in de offroad-scene. De racedivisie uit Noale past zijn competenties ook toe in de motorcross, de enduro en de supermotard: de revolutionaire Aprilia tweecilindermotor brengt Jerome Giraudo naar het wereldkampioen in de S2-klasse. In de 125 cc-klasse van de MotoGP behaald Aprilia de constructeurstitel.

2006 - 2009

"Nadat Aprilia deel wordt van de Piaggio Groep en de raceafdeling wordt gereorganiseerd kent Aprilia in 2006 een waar topseizoen. Aprilia wint zes wereldkampioenschappen: de jonge Spanjaard Jorge Lorenzo en Alvaro Bautista behalen de wereldtitel in de 250cc- respectievelijk de 125 cc-klasse, waarmee Aprilia ook beide constructeurstitels in de wacht sleept. Daar komen nog eens twee wereldtitels in de supermotard bij. De Fransman Van Den Bosch wordt wereldkampioenen Aprilia wint het constructeurskampioenschap.

Het volgende seizoen 2007 is een herhaling met maar liefst vijf kampioenschappen: de constructeurstitels in de 125 cc-en 250 cc-klasse worden vergezeld door rijderstitels voor Lorenzo in de 250 en de Hongaar Gabor Talmacsi in de 125 cc-klasse. In de supermotard behaalt Aprilia de constructeurstitel in de S2-klasse."

Er is echter een revolutie op til. In 2009 gaat Aprilia\s meest ambitieuze project van start. Aprilia introduceert de RSV4, een revolutionaire supersportmotor met een extreem geavanceerde 1000 cc viercilinder 60° V-motor. Daarmee plant Aprilia haar terugkomst in het WK Superbike. De rijder die dit project vlot moet trekken is Max Biaggi, die 12 jaar naar zijn laatste titel in de 250 cc-klasse terugkeert naar Noale. Shinja Nakano wordt de tweede rijder van het team. Het eerste jaar toont een sterke groei voor de motorfiets en de eerste overwinning komt op het circuit van Brno. Daar mag Aprilia dat jaar nog acht overwinningen bij optellen, hetgeen de kwaliteit van het project en de competenties van de rijders onderstreept. Dat jaar scoort Aprilia ook nog drie wereldtitels in de MotoGP. De Spanjaard Julian Simon Simon behaalt de titel in de 125 cc klasse, terwijl Aprilia ook de constructeurstitel in de 125 cc-en 250 cc-klasse binnenhaalt. In 2009 scoort ook de tweecilinder RXV 4.5 de eerste resultaten. Aprilia zet deze motor in in de grote rally\s: Paolo Ceci vindt de farao\s rally in de 450cc-klasse terwijl Aprilia in het eindklassement een degelijke vierde plaats bekleedt, zeker omdat de Aprilia het opnam tegen veel grotere motoren. Het is de proloog voor de introductie van de Aprilia RXV 4,5 in de Dakar van 2010.

2010

In de meest beruchte en meedogenloze offroad-races ter wereld behaalt de Aprilia RXV een ongelooflijke derde plaats met de Chileen Francisco Lopez, die drie etappes weet te winnen. Aprilia domineert de 450 SP klasse met Paolo Ceci.

Het meesterwerk wordt echter geleverd in het WK superbikes: het Aprilia Alitalia RSV4-team begint het seizoen met Max Biaggi en de intentie om de groei van het vorig jaar voort te zetten. Het duurt niet lang voordat ze de strijd aan kunnen binden met de top. Er volgen dubbele overwinningen op Portimao en Monza. Ook Leon Camier, de jonge, Britse teamgenoot van Max, behaalt podiumplaatsen met de RSV4. Samen zorgen zij voor een leidende positie in het constructeurskampioenschap.
Een overwinning op de Amerikaanse Miller Raceway brengt Biaggi aan de kop van het klassement. Dat is een positie waar de viervoudig wereldkampioen aan gewend is. Er volgen dan ook dubbele overwinningen op Misano en Brno. Alleen de Engelsman Haslam probeert nog om Max en zijn rood, wit en groene Aprilia - die de grote Alitalia "A" naar de kop van het kampioenschap voert- van het kampioenschap af te houden, maar die strijd eindigt in Imola. Max Biaggi is wereldkampioen superbikes. Hij is de eerste Italiaan die het meest prestigieuze kampioenschap in de geschiedenis van de superbikes wint en hij levert Aprilia daarmee ook de constructeurstitel.

2011

Aprilia versterkt zijn record van de meeste succesvolle Italiaanse en Europese motorfabrikant van alle fabrikanten die actief zijn in de MotoGP, met 294 gewonnen GP\s (waarvan 151 in de 125 cc-klasse en 143 in de 250 cc-klasse) een 38 wereldtitels (19 constructeurstitels en 19 rijderstitels). In 2011 sleept Aprilia de constructeurstitel in de 125 cc-klasse met nog vier races te gaan al in de wacht. De wereldtitel wordt in de laatste race van het seizoen op het circuit van Valencia veilig gesteld. De jonge Spaanse Aprilia rijder Nico Terol wordt in de 125 cc-klasse tot wereldkampioen gekroond.
Het seizoen van het WK Superbikes hé in 2011 met een derde plaats voor Max Biaggi, die twee race overwinningen en 12 podiums scoorde. Samen met de vier podia die zijn teamgenoot Leon Camier haalde was dat voor het Aprilia Alitalia Racing Team goed voor een derde plaats in het constructeurskampioenschap.
Aprilia won in 2011 ook het wereldkampioenschap Supermotard S1. Zowel de rijders-als de constructeurstitel kwamen pas in de laatste race van het jaar: de plaatselijke held Adrien Chareyre van het Fast Wheels Team won de titel op zijn Aprilia 4.5 in de beslissende, laatste Franse GP.

2012

"Het seizoen 2012 van het WK Superbikes was wederom een succesverhaal: Max Biaggi begon het seizoen heel goed, wat een overwinning in de openingsrace in Australië. Max ging bijna het hele seizoen aan de leiding en zakte pas na de wedstrijd in Moskou naar de tweede plaats. De volgende race op de Nurburgring pakte hij de eerste plaats echter alweer terug tijdens een historische dag voor Aprilia. Naar de eerste race stonden er maar liefst drie RSV4\s op het podium (Max werd vergezeld door teamgenoot Eugene Laverty en door Chas Davies van het ParkinGo Aprilia Team). In de tweede race wist Davies te winnen, terwijl Laverty tweede werd en Max een opwindende inhaalrace reed.

Bij de laatste wedstrijd op Magny-Cours begon Max met een voorsprong van 30,5 punten op Tom Sykes (Kawasaki), 38,5 punten voor Marco Melandri (BMW) en een stevige voorsprong van 68,5 punten op Carlos Checa (Ducati). In het constructeurskampioenschap stond Aprilia 28,5 punten voor op BMW, 47,5 punten voor Ducati, 66 punten voor Kawasaki, 152 punten voor Honda en 292 punten voor Suzuki.

Met slecht weer en slechts een 10e plaats op de startopstelling had Max geen beste uitgangspositie voor zijn laatste aanval. In de eerste race gleed Max onderuit en viel hij al naar een paar ronden uit. Sykes en Melandri kwamen met een derde en tweede plaats gevaarlijk dichtbij in het klassement. Het wereldkampioenschap werd in de laatste bocht van de laatste race beslist. Max werkt vijfde en behield daarmee een minimale voorsprong op Sykes, zodat hij voor de tweede keer wereldkampioen Superbikes werkt. Aprilia werd wederom wereldkampioen bij de constructeurs."

2013

"Aprilia domineerde het kampioenschap in 2013. Dat begon al bij de uitzonderlijke race op Phillip Island waar ze vijf van de zes podiumplekken binnensleepte. Uiteindelijk behaalde Aprilia dat jaar de constructeurstitel en hield daarmee de Italiaanse kleuren in dat motorsportseizoen hoog.
Met 10 overwinningen (negen voor Laverty, 1 voor Guintoli) en In totaal 26 podia verzamelde de Italiaanse fabrikant 550 punten tegen 501 voor Kawasaki, 443 voor BMW, 243 voor Suzuki, 236 voor Honda, 185 voor Ducati en acht voor Yamaha. Dat is een zeer duidelijke bevestiging van de superioriteit van de Aprilia RSV4 viercilinder. Dat deze RSV4 zeer competitief is, Werd ook bevestigd door de resultaten van de satellietteams, Die een pole position 13 podia haalde(twee voor Giugliano, een voor Fabrizio). "

2014

In 2014 zegevierde de Aprilia RSV4 opnieuw in het WK Superbikes met zowel een constructeurstitel als een rijderstitel, Ditmaal voor de Franse rijder Sylvain Guintoli. Het was een bijzonder interessant seizoen, dat werd gekenmerkt door een briljante comeback van Guintoli op Kawasaki-rijder Tom Sykes, die halverwege het seizoen onwrikbaar op de eerste plek leek te blijven staan. Maar na een serie indrukwekkende overwinningen van Aprilia riders Sylvain Guintoli en Marco Melandri trok Aprilia eerst de constructeurstitel naar zich toe, waarna de Fransman met slechts 12 punten achterstand op de leider naar de beslissende ronde in Qatar vertrok.
Op het circuit "Losail" maakte Guintoli een historische comeback. Met twee briljante overwinningen in de twee nachtraces op het circuit in de woestijn wist hij Tom Sykes te passeren en verdiende hij de eerste wereldtitel in zijn carrière.

De feestvreugde werd nog groter omdat Aprilia voor het derde jaar op rij de constructeurstitel haalde. Daarmee werd de onmiskenbare technische superioriteit van de RSV4 nog eens onderstreept. Deze Italiaanse motorfiets had sinds zijn introductie in het wereldkampioenschap van 2009 steeds weer bewezen dat het gewoon s de beste wedstrijdmotor ter wereld was, met zeven wereldtitels (drie rijderstitels en vier constructeurstitels). De dubbele titel in 2014 is de derde dubbele titel voor de Aprilia RSV4 nadat deze motor de competitie ook in 2010 en 2012 wegvaagde met Max Biaggi in het zadel.
Na de Amerikaanse wedstrijd op Laguna Seca had Sykes (Kawasaki) een voorsprong van 44 punten op Guintoli opgebouwd, een bijna onoverbrugbare kloof met nog maar drie ronden te gaan in dat seizoen. Maar de RSV4 en zijn rijders waren inmiddels aan een comeback bezig en bleken bijna onverslaanbaar. Op Jerez en Magny Cours domineerde Aprilia de races. Melandri haalde drie overwinningen, waarbij Guintoli steeds tweede werd, en een overwinning van Guintoli, waarbij Melandri tweede werd. Hiermee scoorde Aprilia belangrijke punten waarmee ze Kawasaki in het constructeurskampioenschap voorbij ging. Bovendien reisde Guintoli hierdoor met slechts 12 punten achterstand op Sykes af naar Qatar.

2015

"In 2015 keerde Aprilia terug naar de MotoGP, een jaar voordat dat eigenlijk de bedoeling was. De bedoeling van de Piaggio groep was om snel naar het topniveau toe te groeien, waarbij de aandacht van de Aprilia Racing technici was gericht op de ontwikkeling van prototypes voor de hoogste categorie. Om dezelfde reden ging Aprilia ook in zee met Gresini Racing. In dit testseizoen was het de taak van rijders Alvaro Bautista (Spanje) en Stefan Bradel (Duitsland) om de motor steeds verder te ontwikkelen. Daarbij wisten ze zelfs een aantal maal in de top 10 te eindigen. Dat is best knap, vooral als je bedenkt dat de motor eigenlijk een laboratoriummotorfiets was, die grotendeels was afgeleid van de RSV4 en die voornamelijk diende om expertise en vaardigheden op te doen waarmee een nieuw prototype kon ontwikkeld voor het seizoen 2016.
Ondertussen bleef de RSV4 in het WK superbikes uitermate succesvol. Met de Engelse rijder Leon Haslam en de Spaanse rookie Jordi Torres in het zadel wist de V4 uit Veneto drie races en 10 podiumplaatsen te behalen. Een zeer bijzondere, 11e podiumplaatsen kwam op naam van Max Biaggi. De 44-jarige coureurs, die al drie jaar eerder met racen was gestopt, wist tijdens zijn tweede wildcard optreden een prachtige tweede plaats te scoren op het circuit van Sepang in Maleisië.
In de laatste race van het FIM Superstock 1000 kampioenschap behaalde Lorenzo Savadori op zijn Aprilia een zeer verdiend kampioenschap, na vier overwinningen en drie verdere podiumplaatsen uit acht wedstrijden. Aprilia domineerde over de andere merken. Het behaalde de constructeurs met 176 punten: 34 punten meer dan BMW, 39 meer dan Ducati, 64 meer dan Yamaha en 118 meer dan Kawasaki."

2016

"In 2016 kan Aprilia aan de start met de RS-GP, de eerste MotoGP-motor die volledig door de Italiaanse raceafdeling was gebouwd. Het uitgangspunt was de exclusieve, smalle V4-motor, inmiddels het visitekaartje van Aprilia. Rijders Alvaro Bautista en Stefan Bradl lieten daarmee een constante, stijgende lijn zien, met in totaal 26 finishes in de punten uit 18 wedstrijden op de kalender. Daarmee stond Aprilia aan het einde van het seizoen op de zevende plaats in het constructeurskampioenschap.

In het WK superbikes werden de RSV4-machines nu gerund door een satellietteam, met rijders Alex de Angelis en Lorenzo Savadori, die zijn debuut in het WK superbikes maakte. De RSV4 bleef zijn waarde bewijzen in dit kampioenschap van productiemotoren. In MotoAmerica behaalden Claudio Corti en zijn HSBK team diverse podiumplaatsen in de Superstock 1000, zelfs nog voor de sterkere superbikes. In de FIM Superstock 1000 cup eindigde Kevin Calia het seizoen op de derde plaats, met zeven finishes in de punten uit acht wedstrijden, waaronder twee podia."
Disign Philippe Starck
Gebruikersavatar
MotoMan
Site Admin
Berichten: 537
Lid geworden op: 14-05-2017 12:00

Bericht door MotoMan » 12-03-2019 10:25

ENGELSTALIG:

DECEMBER 30, 2018 - APRILIA
THE HISTORY OF APRILIA

Aprilia was founded immediately after the Second World War by Alberto Beggio, as a bicycle production factory in Noale, in the province of Venice, Italy. The products of a small artisan company, that range from components to the finished product, achieved success and, in 1962, the sole proprietorship was transformed into a collective partnership.

Alberto\s son, Ivano Beggio, took over at the helm of the small company in 1968 and it appeared clear that his great interest was not in bicycles when, along with the dozen company employees, he built the first Aprilia "motorcycle", a gold and blue fifty cc.

The product gained popularity. Colibrì and Daniela were the names of the first Aprilia bikes, but the vehicle that gained the most notoriety was the 1970 Scarabeo motocross bike. In fact, motorcycles, and motocross bikes in particular, were the true passion of those who cultivated the dream of being able to race in national competitions in a speciality that was rapidly gaining popularity in those days. Manufactured until the mid-seventies, Scarabeo was introduced in various versions with 50 and 125 cc engine capacity, with sometimes truly unique and innovative aesthetic solutions (launching what was to become a tradition for Aprilia products), as in the case of the 1971 model, metallic gold in colour.

1974 was the year that the first true motocross bike was born, entrusted experimentally to Maurizio Sgarzani, a rider in the Cadet class who performed respectably in the first races. From that bike, Aprilia engineers drew the RC 125 model introduced at the Milan Show, beginning that inseparable combination of sport and factory production that has always characterised the company from Noale.

In 1975, the first competition Aprilia was introduced with ambitions of victory. For the rider, they relied on Ivan Alborghetti, a motocross rider from Milan who had already shown that he had the stuff of champions, and results arrived quickly. The first wins helped introduce the new Italian brand to off-road enthusiasts and, with the sale of the RC and MX 125 "replicas", the fledgling racing department was able to increase its budget from the 6 million Lira that had been set aside for the first season.

The first titles came in 1977 in the Italian motocross championship in the 125 and 250 classes, whereas the following year, Alborghetti finished the season with two third places and sixth in the overall standings.

In the meantime, the notoriety of the Manufacturer from Noale had breached the Italian border. In the foreign markets, for which 20% of production was destined, and in particular in the American market, the popularity of Aprilia bikes was very high. The decade ended with a constant increase of production, divided between mopeds and motocross bikes. In ten years, the company grew significantly: from 1969 to 1979, annual moped production went from 150 to 12,000 units, whereas for motorbikes, in just four years, production exceeded 2,000 units annually.

The early eighties was a crisis period in the national motorcycle market and the European market in general. Precisely in those difficult years, the foundation was laid for new and prestigious objectives which stemmed from an extraordinary passion for motorcycles and faith in a relaunch of the Italian motorcycle market. No longer just motocross bikes and mopeds; production would therefore be directed to new lines, expanding the range to enduro, trial and street bikes with engine capacities that would go from 50 to 600 cc.

So, despite the crisis, in the early ‘80s, Aprilia became a laboratory of ideas and designs that would generate its great international affirmation over the years to come. The first important feedback from the new strategy came in 1983 during the presentation of the first Aprilia street bike: the ST 125.
With a strong personality and its sleek and elegant lines, the ST 125 behaved admirably both in sport riding and street use, garnering excellent feedback from critics in the specialised press. The following year, the STX came out, an improved and sportier version of the ST, as well as the first enduro model from the Veneto-based manufacturer, the ET 50 which, in its small engine capacity, embodied all of Aprilia\s off-road experience.

In 1985, the last year they officially took part in motocross racing, the ETX came out in the 125 and 350 version. The decision made a few years earlier to expand the production range was proving to be farsighted, while the first signs appeared of a contraction in the motocross market, which was becoming extremely specialised to the favour of the street and Enduro market.

Aprilia\s jump in quality could also be seen in the small engine capacity units with the introduction in 1986 of the AF1, a vehicle aesthetically and technically reminiscent of the larger engine size sport bikes, as well as in the enduro field where, alongside the ETX, the Tuareg came out, inspired by the big African rally bikes that were in vogue in those years, with the maxi-fuel tank and more plentiful equipment.

Along with the technological content, Aprilia bikes stood out for their absolutely innovative and original design and graphic style which broke up the chromatic monotony of the two-wheelers, based on the traditional red and silver colours.
This path of colour and design, paved by Aprilia, launched a popular trend that was then followed by almost every other manufacturer, so much that the Milan Show in 1989 was dubbed an "Aprilia Show" because of the general use of pastel colours.

In the sports field, the eighties registered an amazing leap of quality.
Beginning its first experiences in Trial with the TL 320 in 1981, in 1985, the first year of racing in the world championship, the Aprilia ridden by Philippe Berlatier finished in fifth place.

That same year, the extraordinary adventure in speed began, with the GP 250 ridden by Loris Reggiani making its début in the World Grand Prix Motorcycle Racing Championship. The challenge of a small Italian manufacturer, without any experience, going out on the track to race against the strongest Japanese brands, was considered a huge gamble by many observers. However, at the end of the first season, the Aprilia GP 250 finished sixth in the overall standings. It was a brilliant result, considering the extremely small racing department, entirely experimental and set up for the first year ever. The big day came two seasons later after the Grand Prix of San Marino when, on 30 August 1987, at the ceremony on the Misano podium, the Italian national anthem rang out: Loris Reggiani\s AF1 won the first World Speed Championship in their history.

Fortified with the experience they were gaining in World Grand Prix Motorcycle Racing, the Aprilia strategy in street bike production focused on technical features and chassis architecture at the top of the category, attractive aesthetics and strong ties to sports activities, such as, in particular, in the 125 cc AF1 Replica. But success with street bikes did not lead to an abandonment of off-road, which was still one of the specialities of the manufacturer from Noale: 1990 was the year of the Pegaso 600, the bike that revolutionised the sector with a chassis architecture closely derived from the off-road discipline, but intended primarily for street use.

After the first years of experience, five years after the first victory and after numerous other racing successes, the big dream came true in 1992 with the World Title in the 125 class with Alessandro Gramigni. This was joined, later that same year, by the Trial title with Tommy Ahvala on an Aprilia Climber. From the beginning, Aprilia Racing proved to be a forge of talent and many of the most successful champions of recent seasons got their start on the road to success with Aprilia, who crowned world champion riders the likes of Biaggi, Capirossi, Gramigni, Locatelli, Sakata and Rossi. The victories in the sports world grew along with the production, dimensional and technological increase of the company which gained more and more of a foothold on the international motorcycling scene thanks to its characteristics of innovation, image and dynamic nature.

In the nineties, Aprilia boldly entered the sector of vehicles intended for use in urban mobility. In fact, the scooter market experienced a long period of growth. In this case, creativity and non-conformity once again proved to be the keys to success. Beginning from the first entirely plastic scooter, the 1990 Amico, Aprilia confirmed its ability to stay ahead of the times, set trends and offer products that are always innovative, both aesthetically and technologically in terms of performance, reliability and low environmental impact. On this front, the manufacturer from Veneto has always placed particular emphasis, staying at the head of the line in searching for the most cutting-edge solutions.

In 1992, Aprilia was the first company to launch a 2-stroke scooter and motorcycle on the market with a catalytic converter, respectively the Amico LK and the Pegaso 125, whereas the following year, development began on the first scooter with a four-stroke, four-valve engine. Aprilia\s attention to the environment proved to be one of the primary strategic objectives, and years of heavy investment in research, intensified constantly even to the present, led to the creation in the year 2000 of the "cleanest" of engines: the Ditech (Direct Injection Technology) engine which, with its revolutionary technology, allowed great performance, record consumption and extremely reduced emissions to be achieved. In 1993, a legend was born in Noale. It was the high-wheeled Scarabeo scooter, still unparalleled today with its extraordinary combination of retro and modern lines which set the bar for every other manufacturer in the sector.

The list of successful Aprilia scooters could go on with Leonardo, SR and Gulliver, just to name a few of the most famous models.

In 1995, Aprilia amazed with the Motò, an admirable example of design on two wheels designed by Philippe Starck which, with its unique style, earned a spot on display at the Museum of Modern Art in New York. That same year, the exceptional RS 250 was born, one of the most successful sport bikes of all times.

In 1998, Aprilia launched what is its current flagship model the RSV Mille, with big engine capacity, being awarded in 1999 the title of bike of the year in the reference market. Aprilia owes its business and image success to its style and technical innovation, to the solutions materialised as an outcome from racing experience and above all, to the passion and commitment in the care of details. The production of large engine capacity bikes intensified further and continued with the SL 1000 Falco, RST Futura, ETV mille Caponord and Tuono, the first true hypernaked on the market, while production continued on successful scooters such as the Atlantic, introduced in the various engine sizes from 125 to 500, and Sportcity. In 2003, the new RSV 1000 was launched which set the bar on sport twin-cylinders even higher.

In 2004, Aprilia re-entered the off-road sector and immediately won the Supermoto S2 title (which was, among other things, the first world title earned in the history of Aprilia with a four-stroke engine), with the revolutionary twin-cylinder SXV 4.5 Supermotard, a vehicle that relaunched the Aprilia keystone concepts of technical innovation, sportiness and style. But more than anything else, 2004 was a year that marked the corporate change: a global motorcycle market in a time of crisis and the weight of the acquisition of the Moto Guzzi and Laverda brands (which took place in the year 2000) made a corporate change necessary. In fact, on 30 December 2004, Aprilia was acquired, along with Moto Guzzi, by the Piaggio Group, contributing to the establishment of the most important European two-wheeler hub. The strategic plan of the Piaggio Group for the Aprilia brand set a goal of reinforcing its position and market leader in the motorcycle and scooter segments, as the only European “full liner” manufacturer of two-wheeled vehicles from 50 to 1000 cc in the spirit of maintaining and developing the brand\s identity, also through confirmation of the R&D and production hubs in Noale and Scorzè, as well as an important investment plan aimed at developing new model ranges.

The revamping of the motorcycle range began to come to fruition in 2007, with the introduction of the Shiver 750. Fitted with a twin-cylinder engine conceived, developed and built by Aprilia, the Shiver was also the first factory bike to use the Ride by Wire throttle control. The Dorsoduro was then born around the twin-cylinder engine (2008), a fun-bike reminiscent of the supermotard style and philosophy.

2007 also marked the début of the Mana 850, a true revolution on two wheels, thanks to the sequential, six-speed automatic transmission. This was an idea that confirmed Aprilia\s status as a brand capable of always offering products technologically ahead of their times.

The spearhead of Aprilia production was introduced to the public in 2009. It was the RSV4 superbike, the only one in its category with a narrow V-4, born out of the collaboration between factory design and Aprilia Racing with the clear intent to demonstrate its competitive potential in the world championship for factory derivative bikes. Ridden by Max Biaggi, the RSV4 won the World Superbike Championship in 2010, its second year of official participation, at the end of an exciting year: it was the first time in WSBK for an Italian rider and, what\s more, astride an Italian bike. The climb to technological firsts for two-wheelers continued in 2011 with the introduction, precisely on the RSV4, of the aPRC electronics package, unanimously acknowledged as the most advanced and most effective package available on the market. in 2012, Aprilia RSV4 Factory aPRC was at the top of all the comparative studies done by the most important international magazines. 2012 was also the year of the SRV 850, a maxiscooter with a twin-cylinder engine and a competitive DNA. With its 76 horses, SRV was the most powerful scooter on the market, with a chassis architecture capable of enhancing its already dynamic attitude. Like the entire Aprilia motorcycle range, SRV also came with aTC traction control and ABS.

In the sports world, 2012 was the year of Aprilia\s return to MotoGP with the ART project and triumph in the SBK championship with the Rider title (Massimiliano Biaggi) and the Manufacturer title.

In 2013, the Caponord 1200 made its début on the market with ADD Aprilia Dynamic Dumping and AMP, Aprilia Multimedia Platform, both exclusive patents. That same year, Aprilia took the World SBK Brand title. In 2014, the double win in World SBK brought the Manufacturer title to Noale and gave French rider Sylvain Guintoli the Rider title.
The 2015 season marked Aprilia\s return to the MotoGP class a year ahead of the originally announced schedule. In fact, the strategy defined by the Piaggio Group for Aprilia\s efforts in the premier class, was aimed at favouring rapid growth of the competitive level, concentrating all technical and organisational efforts of Aprilia Racing on the developing the prototypes for the top category. In parallel with their efforts in MotoGP, the RSV4 confirmed its status as a victorious bike in the World Superbike Championship, winning 3 races and finishing on the podium 10 times as confirmation of its competitiveness.

The 2016 championship season saw the track début of the Aprilia RS-GP, the first MotoGP prototype bike designed and built entirely by the Noale racing department, beginning with the exclusive "narrow" V4 engine which had by then become Aprilia\s calling card. The Aprilia range of products - in constant evolution - included new, high performance versions of the Shiver and Dorsoduro (900cc) and the 1100cc version of the Tuono, an extraordinary bike destined to dominate all the comparative tests with the best competitors in the world in the sport naked segment.

Development continued in 2017 on the Aprilia RS-GP in the premier world motorcycle racing championship. The Italian bike demonstrated encouraging progress that led it to consistently occupying a top-10 spot with Spanish rider Aleix Espargaró.

In 2018, Aprilia competed in the MotoGP world championship with confirmed rider Aleix Espargaró and Brit, Scott Redding. In a season of ups and downs, at the GP of Aragon, Espargaró repeated the sixth place result that represents the best placement in Aprilia\s history in MotoGP. 2018 ended with the presentation at the EICMA show of the new RSV4 1100 Factory, the street-legal supersport bike which, with its 217 HP, has every intention of reaffirming Aprilia in the street-legal superbike segment.
Disign Philippe Starck
Gebruikersavatar
MotoMan
Site Admin
Berichten: 537
Lid geworden op: 14-05-2017 12:00

Re: Aprilia history (algemeen)

Bericht door MotoMan » 23-07-2019 12:08

https://motorcycle-logos.com
https://motorcycle-logos.com/the-aprilia-logo/

Het bedrijf «Aprilia» werd opgericht door de grootste Venetiaanse ondernemer Alberto Beggio na de Tweede Wereldoorlog, halverwege de jaren 40. Vanaf het allereerste begin werd het opgevat als een bedrijf dat fietsen en de details ervan produceert in Noale (een stad in de provincie Venetië, Italië).

Geschiedenis van Aprilia-motorfietsen en logo

Het lot van het bedrijf veranderde volledig in de late jaren '60 toen Beggio besloot zijn eigen bedrijf in de familie te veranderen. In 1968 trad ook zijn zoon Ivan Beggio toe. Het gezinslidmaatschap begon te werken met kleine 50 cc bromfietsen, en twee jaar later heeft de productie een echt serieus niveau bereikt: de hele wereld zag nieuwe motorfietsmodellen «Colibri» «Scarabeo» en «Daniela». Opgemerkt moet worden dat een off-road motorfiets «Scarabeo» verschillende keren is gewijzigd en verbeterd. Het bedrijf is «Scarabeo» veel succes verschuldigd!

Tegenwoordig staat «Aprilia» op de tweede plaats in een aantal productie en verkoop van series motorfietsen en scooters (meer dan 300 duizend exemplaren per jaar). En dankzij de successen in de sport, worden de producten populairder en worden ze elke dag actief.

Het moderne logo «Aprilia» ziet eruit als Latijnse inscriptie (bedrijfsnaam) op een rode achtergrond. Overigens is de achtergrond niet toevallig gekozen. Dit is een soort analogie. Sinds het bedrijf in de naoorlogse jaren werd opgericht, werd de rode kleur geassocieerd met de angst en het verdriet van mensen. Maar de moedige geest was niet gebroken, bovendien versterkten deze moeilijkheden hem zelfs. Dus de oprichter van het bedrijf overwint moedig alle problemen en leidt zijn bedrijf naar succes.
Disign Philippe Starck
Plaats reactie

Terug naar “Aprilia in het algemeen”